Datsun Fairlady: 1962 SP310

Datsun Fairlady: 1962 SP310

De SPL212 en SPL213 haalden niet de verkoopaantallen waar Nissan op had gehoopt, hoewel deze modellen Nissan wel had geholpen om een begin te maken in de Amerikaanse markt. Nissan wist dat ze om te kunnen slagen ze moesten kunnen concurreren met de besten ter wereld, zowel wat betreft prestaties als uiterlijk. Eerder had Nissan al gebruik gemaakt van de diensten van Yuichi Ohta van Alpha Motors om de modellen S211, SPL212 en SPL213 te ontwikkelen op basis van Ohta's prototype A80X. Ohta kreeg nu opdracht om een opvolger voor de SPL213 te ontwerpen en in 1959 werd het Alpha prototype onthuld. De Alpha werd niet verder doorontwikkeld.Tegelijkertijd met Alpha Motors kreeg Hidehiru Iizuka opdracht van Nissan om een intern prototype te ontwerpen. Aan de hand van de eerste schetsen en tekeningen kreeg Alpha Motors van Nissan opdracht een kleimodel en een prototype op ware grootte te bouwen van Iizuka's ontwerp. Dit prototype, in de kleur rood, werd overgebracht van Alpha Motors naar Nissan prototype fabriek in Tsurumi, waar dhr. Kawamata, de toenmalige president van Nissan, onmiddellijk zijn toestemming gaf om het ontwerp gereed te maken voor produktie.

Een aantal prototypen werd gebouwd, met zowel een 1200cc motor als een 1500cc motor. Ze hadden allemaal op detailverschillen na al de uiteindelijke basisvorm. Op de Tokyo Motor Show van oktober 1961 werd de nieuwe Fairlady aan het publiek getoond. De produktie werd uiteindelijk gestart op 4 oktober 1962.

De eerste Fairlady 1500 werd geproduceerd van oktober 1962 en mei 1963 met de modelcode SP(L)310. Dit model heeft een 4 cylinder 1488cc G serie motor met 75pk. Deze eerste auto's zijn eigenlijk 3 persoons, waarbij de derde zitplaats overdwars is gemonteerd achter de bestuurdersstoel.

De nieuwe Fairlady was een duidelijk beter auto dan zijn voorgangers. Net als de voorgaande sportauto's van Datsun was de nieuwe SP310 gebaseerd op het mechanische gedeelte van een andere auto in het modellengamma, ditmaal de 310 serie Datsun Bluebird Sedan.De 310 Bluebird was een enorme sprong voorwaarts voor Nissan op het gebied van mechanische ontwikkeling. De oudere sedans waren allemaal nogal lomp met hun op vrachtwagens gebaseerd chassis en wielophanging/ De 310 Bluebird was volledig anders en deelde niet langer het onderstel met een vrachtwagen, maar had een eigen specifiek ontworpen chassis met een dubbele wishbone voorwielophanging. Een aangepaste versie van dit chassis werd gebruikt voor de Fairlady. De twee hoofdliggers en de voorste dwarsbalk werden van de Bluebird overgenomen, maar de rest van het chassis werd significant veranderd om het chassis meer stijfheid te geven. De meest in het oog springende wijziging is de toevoeging van een massieve X vormige versteviging onder de stoelen welke de beide langsliggers met elkaar verbindt. Deze toevoeging gaf het chassis een enorme torsiestijfheid.

De stuurinrichting en de wielophanging waren licht gemodificeerde versie van de Bluebird. De onderste en bovenste draagarmen zijn hetzelfde, maar de bevestiging van de stabilisatorstang is gewijzigd.

De achterwielophanging is ook weer afkomstig van de Bluebird, maar met het grotere differentieel en aandrijfassen van de grotere Cedric Sedan.

Ook de motor werd van de Cedric sedan overgenomen. De vroegere Fairlady's gebruikten dezelfde motor als de sedans waarop ze waren gebaseerd, de 1189 cc E en E-1 motor. De SP310 gebruikte de 1488cc G serie motor van de serie 30 Cedric sedan. Behalve dat de motor groter en sterker was dan de E serie, had de G serie motor ook een cylinderkop met vier inlaatpoorten in plaats van twee. De G motor in de Cedric had een dubbele Nikki carburateur, de versie in de Fairlady had een enkele 38mm Hitachi carburateur, welke sterke gelijkenis vertoonde met de Engelse SU carburateurs. De motor leverde in de Cedric 71 pk en in de Fairlady 77 pk. De versnellingsbak had vier versnellingen, met een op de vloer gemonteerde pook en synchromesh op de 2e, 3e en 4e versnelling.

De carosserie van de SP310 Fairlady was erg attractief. Af en toe is er een wat minder goed op de hoogte zijnde persoon die beweert dat de Fairlady een copy is van de Engelse MGB. Feit is dat de Fairlady voor het eerst getoond werd aan het publiek in 1961, ruim voor de verschining van de MGB. Feitelijk lijken de twee auto's in de verste verte niet op elkaar, behalve dat het allebei kleine cabriolets zijn. Als er al sprake is van Europese invloeden, heeft de Fairlady eerder een Italiaanse stijl en lijkt meer op de 1959 Fiat 1200 cabriolet dan op iets Engels.

De voorkant van de auto heeft een grille met een chromen omlijsting, met daarin een metalen rooster bestaande uit vijf horizontale en negen verticale balken. Aan beide zijden van de grille zijn twee verzonken koplampen gemonteerd, ook met een chromen omlijsting. De motorkap heeft een bult in het midden met voorop een kleine luchtinlaat. De wielkasten van de auto zijn voor en achter voorzien van een lichte verbreding. Op de achterkant van de auto is een kleine vin aangebracht die direct achter de portieren begint en doorloopt tot aan de achterzijde. Aan het einde van deze vin bevindt zich een van de meest kenmerkende details van de auto, de achterlichten. Deze bestaan uit twee losse ronde chromen lampen, boven elkaar gemonteerd. Daarboven bevindt zih nog een chromen reflector die is vormgegeven als een kleinere uitvoering van de achterlichten.

Over de gehele lengte van de zijkant loopt een gepolijste roestvrij stalen sierstrip. Op de voorste spatscherm vlak voor het protier staat het opschrift 'Fairlady'. Op de motorkap is een vleugelvormig embleen met de tekst 'Datsun' geplaatst. Ditzelfde embleem bevindt zich ook achter op de auto. De kofferklep is voorzien van scharnieren aan de buitenkant en een draaihendel op de bovenkant.

Binnen in de auto vinden we nog een specifiek kenmerk van de deze auto: een derde zitplaats. Terwijl de meeste auto's van dit formaat pure tweezitters zijn, heeft de Fairlady een overdwars geplaatste derde stoel. Deze oncomfortabele en bekrompen kleine stoel was hoger geplaatst dan de voorstoelen, waardoor je met je hoofd boven de voorruit kwam te zitten, blootgesteld aan de rijwind en aan alle insecten die normaliter tegen de voorruit worden geplet. Deze bijzondere toevoeging verdween eind 1964 uit de auto.

Het dashboard is gespoten in dezelfde kleur als de carosserie en heeft vier grote ronde klokken in een zwarte omlijsting. Een klein middenconsole hangt onder het dashboard en bevat de radio en temperatuur bediening. Het dak heeft een verouderd ontwerp, waarbij men eerste het frame dient uit te vouwen en in elkaar te zetten, alvorens het doek er over heen te trekken.

In juni 1963 werd een gemodificeerde versie van de SP310 uitgebracht. De eerste serie gebruikte de G motor met een enkele carburateur. De nieuwe versie van de G motor had een aangepast inlaatspruitstuk met twee Hitachi carburateurs. Met nog een aantal andere kleinere aanpassingen werd het vermogen van de moter verhoogd van 77pk naar 85 pk. De enige significante wijziging aan de buitenkant was het embleem aan de achterkant, waar nu 'Datsun 1500' op stond in plaats van eenvoudig 'Datsun'. Deze vroege drie-zits Fairlady's werden geproduceerd van oktober 1962 to augustus 1964, toen de auto werd opgevolgd door de twee-zits Fairlady SP310.